zondag 4 januari 2015

Vijf jaar geleden - 4 januari 2010

4 januari 2010

Ik snap heus wel dat we niet de hele nacht naast Kalle's bedje kunnen zitten. Ook al zouden we wel willen. Het voelt zo onnatuurlijk om Kalle achter te laten. Maar we moeten uitrusten. 'Kalle heeft er niets aan als jullie door jullie hoeven zakken', zeggen de verpleegkundigen. Tss...uitrusten... Alsof dat lukt. Maar inderdaad: voor het gemak zou ik bijna vergeten dat ik pas een week geleden bevallen ben, dat ik veel bloed ben verloren, transfusies heb gehad, ben geopereerd. Ik voel het allemaal niet meer.

We zijn dus 'braaf' gaan liggen, maar staan helemaal in de alert-stand. Om een uur of 2 hou ik het niet meer vol. Ik moet bellen, wil weten hoe het gaat. Kalle's toestand is niet verslechterd, maar daar is ook alles mee gezegd. We proberen verder te slapen nadat de verpleegkundige heeft beloofd metéén te bellen als er iets verandert.

We staan vroeg op. Jan stuurt nog snel een mailtje naar vrienden en familie, een korte update. Ineens beseffen we dat de ziektekostenverzekering nog niet op de hoogte is van Kalle's geboorte. Ik meld hem aan. Dan rijden we naar het ziekenhuis. We zijn tenminste sámen. Hoe vreselijk verdrietig het ook allemaal is, we zijn sámen verdrietig, sámen bang. Wat fijn dat we elkaar hebben.

Bij binnenkomst op de IC kijken we naar het whitebord dat rechts hangt. Daar staan de namen van de kindjes die zijn opgenomen en de naam van de verpleegkundige die vandaag voor dat kindje zorgt. Ik teken een zonnetje naast Kalle's naam, bijna als een soort bezwering. Er is weinig zonneschijn te bekennen op deze IC. We zien vermoeide en verdrietige ouders die weinig praten en kindjes zo klein dat je ze makkelijk met één hand zou kunnen optillen.



'Goedemorgen Kalletje', zeggen we tegen onze lieve zoon. Hij is nog steeds nauwelijks herkenbaar door alles wat op, aan en in hem zit. Zijn gezicht is opgezwollen door de medicijnen. Het contrast met enkele dagen geleden is enorm. Hij is gesedeerd om pijn en ongemakken te onderdrukken. We praten tegen hem en vertellen dat hij een vechtertje is. En dat we zo ontzettend trots op hem zijn.

De verpleegkundigen zijn allemaal erg aardig. Aardig, empathisch en vooral kundig. We hebben het idee dat Kalle op geen betere plek zou kunnen liggen in deze situatie. De verpleegkundige die nu voor Kalle verantwoordelijk is stelt voor om een dagboekje bij te houden. Per dag schrijft zij of een van haar collega's op wat er is gebeurd en hoe het gaat. 'Fijn voor later'. Ik rij snel naar de HEMA om een mooi boekje te kopen.

Tot nu toe is niet bekend wat Kalle zo ziek maakt. Wel dat hij een meningitis heeft, een hersenvliesontsteking dus. Nog steeds zijn wij optimistisch. Ons kindje laat zich toch niet zo maar uit het veld slaan door een stomme bacterie in zijn hoofd?! Kalle's temperatuur is nog niet stabiel, maar wordt continu bewaakt. De temperatuur van het warmtebedje wordt daardoor regelmatig aangepast.

We komen C. tegen, de Duitse kinderarts die we via vrienden kennen en die toevallig precies op deze IC Neonatologie werkt. Een weerzien hadden we ons echt anders voorgesteld. Eigenlijk hadden we deze week gewoon willen afspreken, nog even snel voor de bevalling die eigenlijk pas rond 15 januari had zullen plaatsvinden. Maar daar is het dus niet meer van gekomen. Ik merk dat ze het zelf ook een gekke situatie vindt en dat het haar aangrijpt. Het voelt geruststellend om met een bekende te kunnen praten. En ook nog in mijn moedertaal. Ze belooft achter de uitslag van mijn kweek aan te gaan. Daar hebben we nog steeds niets over gehoord. Maar we voelen intuïtief dat mijn ziekte en Kalle's ziekte iets met elkaar te maken hebben.

In de middag worden de sederende middelen gestopt. Nu is het wachten hoe Kalle erop reageert. Af en toe gaan we in de ouderkamer zitten. Gewoon om er even uit te zijn. Er liggen tijdschriften op de witte tafeltjes naast de banken en er is een tv die nooit aan staat. Ik kolf nog steeds om de paar uur en laat de voeding invriezen. Voor later.

Aan het eind van de dag kijken we in Kalle's boekje. De verpleegkundige heeft er inderdaad iets ingeschreven, versierd met vrolijke stickers. Op de achterkant van het eerste blaadje heeft ze de sensoren van de bewakingsapparatuur geplakt die ze vandaag hebben vervangen.

Moe en met pijn in ons hart gaan we in de avond naar huis. Het huis waar onze lieve Kalle hoort te liggen. Waar we vermoeid opstaan als hij honger heeft en daarom huilt. Waar we de hele dag met hem kunnen knuffelen en alles gewoon gaat zoals het hoort te gaan.
Waar zijn wiegje leeg is, zo verschrikkelijk leeg.


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen