zaterdag 27 december 2014

Vijf jaar geleden - 27 december 2009

27 december 2009


Het schiet nog nauwelijks op. De medicijnen die de weeën moeten opwekken doen wel wat, maar oh... wat gaat het traag. De dag voelt als een lange, nare roes. Ik voel me nog steeds beroerd. Het wil me maar niet lukken om te berusten in de situatie. Hoe ook? Het voelt verkeerd. De signalen die mijn lijf geeft stroken niet met de diagnose van de arts. En wat ik uitspreek wordt niet voldoende gehoord.

Jan is de hele tijd bij me. 'Ons primaire doel is nou eenmaal het gezond ter wereld brengen van de baby', hoort hij de arts assistente zeggen. 'Het is vervelend dat uw vrouw buikpijn heeft, maar het is hier nou eenmaal de afdeling verloskunde.' Hij blijft beleefd. Wij blijven de hele tijd beleefd. Het respect voor de kennis en ervaring van het medisch personeel overheerst en schuift onze twijfels opzij. Ook al verbazen wij ons er telkens over hoe piepjong sommige arts assistenten zijn.

Met de baby in mijn buik gaat het goed. Gelukkig. Nog steeds twijfel ik er niet aan dat uiteindelijk alles goed komt. Ik heb vertrouwen in een goede afloop, zelfs op deze plek waar ik niet wil zijn. Gelukkig hebben we de naam al gekozen. Ons kindje heeft zelfs al zijn eigen e-mail-account zodat we na de geboorte meteen iedereen op de hoogte kunnen stellen van het blijde nieuws.

Ik heb geen besef van tijd. Deze dag is een lange, stroperige, donkere massa. Naar mijn idee is het de hele tijd nacht. Ik denk aan ons reisje naar Parijs, begin van de maand. Het lopen was moeizaam, maar we hebben genoten. We aten dure gebakjes, liepen door sjieke warenhuizen, waren blij met de grote hoeveelheid stadsbussen en de beleefde mensen die hun zitplaats voor mij opofferden.

Ons laatste reisje met z'n tweetjes. Voorlopig in ieder geval. We wentelden ons in voorpret. Binnenkort zouden we ouders worden. Ouders! Wij!! Ik kocht en lief slaappakje en een flesje van een of ander eco-merk waaruit ons kindje t.z.t. ongetwijfeld nóg beter zou drinken. We hadden er zin in. Een haast kinderlijk pre-kerst-gevoel.

Ik kan maar niet ontspannen, heb nog steeds behoorlijk veel pijn. Mijn zorgen blijf ik uiten tegenover het personeeel van het ziekenhuis. Als we naar de uitslag van de kweek informeren krijgen we te horen dat die er nog niet is. Zoiets kan kennelijk enkele dagen duren. Weten wij veel. Door de stress in mijn lijf wil het inleiden maar niet vlotten. Ik werk mezelf tegen, dat begrijp ik ook wel. Daarom ga ik akkoord met de slaappil die mij wordt aangeboden. Met gedachten in mijn hoofd die op me afstormen als galopperende wilde paarden glij ik langzaam in slaap.

De dienstdoende zuster schrijft die dag in mijn patientendossier: 'Mevrouw is erg negatief.' Dit is dus hoe zij mijn bezorgdheid en mijn angst interpreteren. Ik voel me onbegrepen en niet veilig.

Waarom luisteren ze niet naar me?


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen